Reglementen · Reglement Uniformdragers

1 - Algemeen

Voor alle leden ligt na afspraak ter inzage op het secretariaat de integrale teksten van:

Dit document beschrijft naast gangbare begrippen binnen het gilde, de momenten waarop het geüniformeerde deel van het Sint-Servatiusgilde naar buiten treedt met de daarbij behorende gedragsregels.

 

2 - Begrippen

2.1 - Het gehele gilde

Hieronder wordt verstaan: de vaandrig met hoofdvaandel, koning (met koningin), keizer, erekoning, zilverdragers, commandant, hoofdman, piekdragers, sjerpdragers, tamboers, vendeliers, standaardruiter.

2.2 - Aanwezigheid

Indien het gilde na een uitnodiging hiertoe geüniformeerd optrekt, zal het ten hoogste 2 uren aanwezig zijn, geteld vanaf het presenteren (front maken). Vindt dit ‘s avonds plaats dan zullen de geüniformeerden voor middernacht weer huiswaarts zijn gekeerd.

2.3 - Het “naar buiten treden” van het gehele gilde

Hieronder wordt verstaan: het zich in het openbaar vertonen en in uniform ordentelijk gekleed, acte de présence geven bij activiteiten in uniform. Het mag voor zich spreken, dat de uniformdragers, zich tijden een gezamenlijk marcheren zich houden aan enkele algemene regels, waar onder:

Bovenstaande op aanwijzing van de commandant, wiens aanwijzingen stipt dienen te worden opgevolgd!

 

3 - Vaste optredens

3.1 - Patroonsviering (teerdag)

De kerkelijke feestdag van de schutspatroon Sint-Servatius, de beschermheilige van het gilde is op 13 mei. Het gilde viert deze dag (teerdag genaamd) op de zaterdag welke het dichts is gelegen bij 13 mei. Op deze dag behoort iedere gildebroeder aanwezig te zijn;

3.2 - Installatie gildebroeder(s)

De gelegenheid voor de installatie van een of meerdere gildebroeder(s) wordt éénmaal per jaar geboden. Dit kan tijdens de Heilige mis op de teerdag, de nieuwe gildebroeder(s) zal staande naast het altaar en met de rechterhand aan het vaandel, de belofte van trouw aan het gilde afleggen. De eed wordt afgelegd ten overstaan van de hoofdman en met een ondertekende oorkonde bekrachtigd. De tekst hiervan luidt: Ik …. verklaar ten overstaan van de kerkelijke overheid en voor de beschermheilige Sint- Servatius dat ik als gildebroeder mij zal houden aan de statuten, de reglementen en de regels van het Sint-Servatiusgilde en tevens me in het algemeen zal gedragen zoals het een goed gildebroeder betaamt, Na kerkelijke inzegening, getekend te Lieshout, …………. Hoofdman

3.3 - Koningschieten

Jaarlijks wordt op Lieshout’s kermismaandag op de vogel geschoten voor het koningschap. Op deze dag, hoort iedere gildebroeder aanwezig te zijn. Schieten voor het koningschap door de mannelijke gildeleden is niet verplicht. Voor details omtrent het schieten, zie het reglement ‘Koningschieten Sint Servatius Gilde’.

3.4 - Koningsdag

Vast programmapunt op koningsdag is de herbevestiging van de eed van trouw aan het wereldlijke gezag.

3.5 - Openluchtmis

Jaarlijks wordt op de vierde zondag in mei een openluchtmis gevierd in en om de Sint.- Servatius kapel.

4 - Gelegenheidsoptredens

Het brengen van de vendelgroet. Bij de onderstaande gelegenheden zal het gilde na uitnodiging een vendelgroet brengen. Het gilde zal aantreden, waarna, de vendelgroet wordt gebracht.

4.1 - Vendelgroet gouden bruiloft (50-jaar), diamanten (60-jaar) en langer

In overleg met familie wordt een vendelgroet gebracht aan het bruidspaar.

4.2 - 25-Jarig lidmaatschap van het gilde

Vendelgroet

4.3 - 25-Jarig huwelijksfeest gildebroeder of gildelid

Vendelgroet na uitnodiging.

4.4 - Bij kerkelijke en koninklijke onderscheidingen

in overleg Vendelgroet met betrokkenen.

4.5 - Huwelijk van een gildebroeder

Vendelgroet initiatief hiertoe wordt door het gilde genomen.

4.6 - Huwelijk van een niet geüniformeerd gildelid

Delegatie in uniform gaat naar receptie, na uitnodiging hiertoe.

4.7 - Verjaardag van koning en erekoning

Vendelgroet na uitnodiging.

4.8 - Gildefeesten, demonstraties, speciale gelegenheden

In overleg bepaald door uitnodigingen en/of de overheid van het gilde

4.9 - Overlijden uniformdragers, overige leden

In overleg met nabestaanden, indien gewenst, uitvaart met gilde-eer. Ceremonie zoals beschreven in hoofdstuk 6

5 - Trainingen en contacten

5.1 - Schieten

Gildeterrein Op de oneven zaterdagen van de maand kan de schietvaardigheid verbeterd worden op het. Voor de openingstijden van terrein en paviljoen; zie de aankondiging in het paviljoen.

5.2 - Vendelen

Gedurende de zomertijd; éénmaal per week onderhouden van de vaardigheden.

5.3 - Trommen

Gedurende de zomertijd éénmaal per week.

5.4 - Contactavond

Elke vierde donderdag van de maand vindt een contactavond plaats. Eventueel kan dan ook onderhoud van attributen dan gedaan worden.

6 - Bij het afscheid van een overleden gildelid

We onderscheiden een afscheid met en zonder gilde-eer

6.1 - Met gilde-eer

Enkel uniformdragers kunnen met gilde-eer begraven of gecremeerd worden.

6.1.1 - Gildebroeders

  1. Na overleg met de nabestaanden zal door de geüniformeerde leden van het gilde, de rouwkamer versierd worden met de koningsattributen, het hoofdvaandel, vendels, en hellebaarden.
  2. Tijdens de gelegenheid tot afscheid nemen tijdens de avondwake, zal een erewacht gevormd worden door vier gildebroeders.
  3. Voor aanvang van de uitvaartdienst wordt het vaandel en het koningszilver met de gildehoed op de kist gelegd. Vaandel, vendels en trommen worden van rouwtekenen voorzien (lint voor de vendels en de trommen omfloerst)
  4. Zes gildebroeders dragen de kist op momenten dat de overledene verplaatst moet worden en vier gildebroeders vormen de erewacht gedurende de ceremonie.
  5. Bij het graf of in het crematorium wordt een laatste groet gebracht. Het hoofdvaandel zal drie maal rechts en links over de kist zwaaien en dan neerdalen (in het graf, i.g.v. begrafenis) tot de punt van de stok van het vaandel de kist beroerd. In overleg met de nabestaanden sluit het gilde met de familie de ceremonie.
  6. Het gilde rouwt gedurende drie weken. Als teken van rouw zijn de toppen van vaandel en vendels getooid met een zwart lint, de trommen worden ook van een zwart lint voorzien.

6.1.2 - Sjerpdragers en ereleden

  1. Na overleg met de nabestaanden, zal door de geüniformeerde leden van het gilde de rouwkamer versierd worden met de koningsattributen, het hoofdvaandel, vendels, en pieken.
  2. Tijdens de gelegenheid tot afscheid nemen tijdens de avondwake, zal een erewacht gevormd worden door twee gildebroeders.
  3. Voor aanvang van de uitvaartdienst wordt het koningszilver en de gildehoed met de sjerp op de kist gelegd. Vaandel, vendels en trommen worden van rouwtekenen voorzien.
  4. Twee gildebroeders vormen de erewacht gedurende de plechtigheid.
  5. Op de begraafplaats of in het crematorium vindt geen vaandelceremonie plaats. De vaandrig neemt naast de geestelijke of de baar plaats terwijl het gilde een laatste groet brengt.
  6. In overleg met de nabestaanden sluit het gilde met de familie de ceremonie.

6.1.3 - Overige leden

Bij het afscheid van niet geüniformeerde gildeleden, zal een afvaardiging van het gilde bij het afscheid aanwezig zijn.

7 - Onvoorzien

In omstandigheden waarin dit reglement niet voorziet beslist de overheid van het gilde.